Hof van Assisen | <vorige | volgende>

VERLOOP VAN HET PROCES

Het verloop van het proces kan worden samengevat in volgende grote lijnen:

  • samenstelling van de jury (12 leden) en een aantal plaatsvervangende juryleden en eedaflegging door de jury;

zowel het openbaar ministerie als de verdediging mogen bij de samenstelling van de jury een aantal gezworenen wraken; zij moeten de reden van hun wraking niet kenbaar maken.

  • voorlezing van de akte van inbeschuldigingstelling (geschreven stuk, opgesteld door het openbaar ministerie, dat een samenvatting van de zaak bevat);
  • voorlezing (eventueel) van een akte van verdediging (opgemaakt door de verdediging van de beschuldigde);
  • verhoor van de beschuldigde door de voorzitter van het hof van assisen;
  • voorlezing van de lijst van de getuigen, opgeroepen door het openbaar ministerie, de burgerlijke partij en de beschuldigde;
  • burgerlijke partijstelling door de benadeelde of zijn erfgenamen (dit kan reeds eerder gebeuren);
  • verhoor van de getuigen van het openbaar ministerie;
  • verhoor van de getuigen van de burgerlijke partij;
  • verhoor van de getuigen van de verdediging;
    in principe leggen alle getuigen een eed af (hetzij als deskundige en als getuige hetzij als getuige alleen; hierop bestaan een aantal uitzonderingen)
  • requisitorium (vordering) van het openbaar ministerie;
  • pleidooien van de burgerlijke partij;
  • pleidooien van de verdediging;
  • laatste woord aan de beschuldigde;
  • eventueel replieken van het openbaar ministerie, de burgerlijke partij, de beschuldigde en opnieuw laatste woord van de beschuldigde;
  • vraagstelling door de voorzitter van het hof van assisen (vragen te beantwoorden door de jury);
  • uitleg over de vraagstelling door de voorzitter;
  • onderrichting door de voorzitter aan de jury over de werkwijze van beraadslaging;
  • overhandiging van het dossier en de stukken aan de jury;
  • beraadslaging door de jury (zonder de plaatsvervangende gezworenen);

in principe oordeelt de jury alleen over de schuldvraag, tenzij in de door de wet voorziene gevallen, waarin ook het hof mee beraadslaagt over de schuld;

  • verklaring van de jury over de gestelde vragen;
  • debat over de straftoemeting door het openbaar ministerie en de verdediging (de burgerlijke partij komt hier niet tussen);
  • beraadslaging door het hof samen met de jury over de toe te passen straf;
  • uitspraak door het hof (arrest);
  • op dezelfde dag of later, als er een burgerlijke partij is, behandeling van de vordering van de burgerlijke partij.